Overige geldzaken
De werkzaamheden van Bureau Jeugdzorg Zeeland (BJZ) zijn voor u kosteloos. U bent als ouder/verzorger wel verplicht te voorzien in het onderhoud van uw kind(eren). Ten slotte is voor sommige vormen van intensieve hulp een ouderbijdrage verschuldigd, ook als uw kind buiten het gezin verblijft.
Sluiten
Dat betekent dat ouders/verzorgers de normale kosten voor verzorging (eten, kleren, hygiëne), verzekeringen (ziektekosten, WA), onderwijs, reizen, sport en dergelijke moeten betalen. Deze onderhoudsplicht blijft bestaan, ook als uw kind buiten het gezin verblijft. U betaalt een bijdrage in de kosten van de jeugdzorg.
Sluiten
De ouderbijdrage is afhankelijk van de regeling van waaruit het verblijf van uw kind wordt betaald. Er zijn twee mogelijkheden:
- De regeling valt onder de Wet op de Jeugdzorg
- De regeling valt onder de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ)
U kunt uw maatschappelijk werker of contactpersoon bij BJZ vragen of uw kind is geplaatst in een voorziening vallend onder de Wet op de Jeugdzorg of in een voorziening vallend onder de AWBZ. Valt de zorg voor uw kind niet onder de AWBZ, dan meldt BJZ de datum van plaatsing, elke verandering en de beëindiging van de plaatsing aan het Landelijk Bureau Inning
Onderhoudsbijdragen (LBIO).
Het adres van deze instelling is:
Postbus 8901, 3009 AX Rotterdam
telefoon 010 - 2894890
Sluiten
De ouderbijdragenregeling is een inkomensonafhankelijke regeling. Dat wil zeggen dat de verschuldigde bedragen wettelijk vastliggen. De hoogte van uw inkomen heeft geen invloed op de hoogte van de ouderbijdrage. Waarvan is de hoogte wel afhankelijk?
- de leeftijd van uw kind
- de soort zorg die uw kind krijgt
- het aantal dagen per week dat uw kind is geplaatst
De bedragen zijn op basis van een plaatsing van vijf of meer dagen per week. Als uw kind minder dagen per week geplaatst is, wordt de hoogte van de maandelijkse bijdrage bepaald aan de hand van het aantal plaatsingsdagen. De ouderbijdrage wordt jaarlijks, met ingang van 1 januari, geïndexeerd. Bij het vaststellen van de bedragen is er rekening mee gehouden, dat u naast de ouderbijdrage ook nog andere kosten voor uw kind maakt, zoals bezoekkosten, schoolgeld, verzekeringen of verblijfkosten in het weekend of tijdens vakanties. Bij een dagplaatsing kijkt het LBIO bij de vaststelling van de hoogte van de bijdrage niet naar het aantal uren hulpverlening. Elke dagplaatsing is er één. Het aantal uren dat uw kind die dag is geplaatst maakt niet uit.
De precieze bedragen en alle informatie kunt vinden bij het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBOI).
Sluiten
In dit geval zal de instelling waar uw kind is geplaatst de bijdrage rechtstreeks aan u in rekening brengen. U betaalt dan geen ouderbijdrage, maar een eigen bijdrage. Meer informatie kunt u krijgen via het College voor Zorgverzekeringen, telefoon 020 - 7978555.
Sluiten
- als u pleegouder bent
- bij 'crisisplaatsing': u hoeft dan maximaal zes weken geen bijdrage te betalen. We hebben het over 'crisisplaatsing' als de hulpverlener van de vrijwillige jeugdzorg vindt dat er sprake is van een acute noodsituatie. Uw kind moet dan onmiddellijk uit huis geplaatst worden. Tijdens deze crisisplaatsing vraagt de hulpverlener uw medewerking. In het geval justitiële jeugdzorg geldt deze termijn van zes weken vrijstelling niet
- als u bezwaar hebt ingediend tegen de vrijwillige jeugdzorg aan uw minderjarige kind. U kunt geen bezwaar maken tegen een justitiële plaatsing (een plaatsing in het kader van ondertoezichtstelling)
- als de AWBZ de plaatsing van uw kind subsidieert
- als uw kind naar aanleiding van het plegen van een strafbaar feit door de rechter strafrechtelijk is geplaatst
- als u alimentatie voor uw geplaatste kind moet betalen
- als de rechter u heeft ontheven van het ouderlijke gezag (NB: dit is niet hetzelfde als een wijziging in het gezag)
- als uw kind een eigen inkomen heeft van tenminste €226,89 netto per maand of een uitkering ontvangt op grond van de Wet Studiefinanciering. Deze regel geldt niet bij een dagplaatsing.
Sluiten
Wanneer uw kind buiten uw gezin opgevoed en verzorgd wordt, bent u verplicht dit te melden bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Als u voor ten minste € 408,- per kwartaal (aantoonbaar) kosten maakt voor uw uithuis geplaatste kind, heeft u recht op eenmaal kinderbijslag. Met de kinderbijslag kunt u de LBIO-bijdrage of de kosten die de AWBZ-instelling u in
rekening brengt, voor een groot deel betalen.
Kunt u aantonen dat u per kwartaal meer dan € 1.081,- bijdraagt in de kosten, dan hebt u mogelijk recht op tweemaal kinderbijslag. Voor kinderen die al vóór 1 oktober 1995 door ziekte of handicap uitwonend waren, geldt een lagere onderhoudseis van ten minste € 813,- per kwartaal.
De kosten die u mag meetellen zijn, naast de bijdrage die u betaalt aan het LBIO of de voorziening (bij AWBZ-financiering), bijvoorbeeld:
- kost en inwoning en extra kosten in uw gezin tijdens weekenden en vakanties
- kleding en schoenen
- vakantie
- vervoer, zowel van uw kind als de kosten die u maakte om uw kind te bezoeken
- verzekeringen
- studiekosten
- schoolgeld
- kosten voor verjaardagen
- contributies voor verenigingen
- zakgeld (géén spaargeld)
- andere niet in het bijzonder genoemde kosten speciaalten behoeve van uw kind
Meer informatie kunt u vinden bij de Sociale Verzekeringsbank.
Sluiten
Als uw kind (tijdelijk) in een behandelgroep of pleeggezin gaat wonen, wordt hij of zij bij de gemeente ingeschreven op het nieuwe verblijfadres. Uw kind woont dus gedurende die tijd niet meer op uw adres. Dat kan gevolgen hebben voor een eventuele uitkering die u ontvangt. Vraag uw contactpersoon bij de Sociale Dienst om nadere informatie hierover.
Ook de kinderkorting voor de inkomstenbelasting vervalt meestal als uw kind elders woont. De Belastingdienst kan u daar meer over vertellen, telefoon 0800 - 0543.




